DE EERSTE DATE
Het verkeer tussen mensen wordt beheerst door codes. Dat mensen in een drukke winkelstraat niet tegen elkaar aan lopen komt omdat ze kijken in de richting waarheen zij gaan. Als je met een onbekende in een lift staat bestudeer je het plafond. Als je een vrouw ontmoet hebt die je leuk vindt en je hebt ook nog eens haar 06-nummer gescoord, wacht je 48 uur voor je de volgende move doet. Dit hoort bij de psychologie van de ontluikende relatie. Je hoopt dat zij hongert, terwijl jij niet te hongerig wilt lijken.
Ik heb het niet op die codes. Ik mag graag een opmerking maken tegen een medepassagier in een lift. Dat is juist heel bevredigend in de beperking: aan het contact komt zeker weten een eind zodra de vierde etage bereikt is. Zo kun je jezelf nog aanpraten dat je best een sociaal wezen bent.
Het is niet moeilijk een beetje indruk te maken tijdens de verkennende fase van een mogelijke liefdesrelatie: breek met de codes, lap de conventies aan je laars, doe iets onverwachts. Bijvoorbeeld: sms niet over twee etmalen, maar binnen een half uur. Ha, dat zet haar even op het verkeerde been. Jou ook, daar moet je wel rekening mee houden. Het zou zomaar eens kunnen zijn dat waar jij vol op het gas gaat, zij even stevig op de rem trapt. Is niet erg, je hebt één belangrijke boodschap afgegeven: met mij kun je vele kanten uit.
Chemie, weet je wel. Aangezien jij binnen het half uur ge-sms’t hebt hoeft zij niet te aarzelen als ze je binnen 24 uur wil uitnodigen voor een treffen. Dat gaat goed. Ik krijg dan de neiging te veronderstellen dat het hier De Ware Liefde betreft. Daar wil je wel een monumentje voor oprichten. Het lijkt me leuk als je de vrouw van je leven ontmoet in een datingshow op televisie, dat kun je dan later aan de kinderen laten zien. ‘Kijk, hier ziet papa mama voor het eerst.’
Ik bewaar eerste sms’jes. Onlangs heb ik het archief in mijn gsm weer eens opgeschoond. Er zaten vier eerste sms’jes in. Die heb ik maar eens weggegooid. Bij twee moest ik nadenken wie de afzender ook alweer was. Foto’s zijn natuurlijk ook goed, maar zeldzaam in het begin. Het beste is meteen aan de soundtrack van de relatie te gaan werken.
Sinds liedjes van internet te downloaden zijn en op een cd gebrand kunnen worden is het heel haalbaar het verslag van een liefde in muziek te beschrijven. Wat dansen we daar leuk op ‘Heaven Must Be Missing an Angel’ van Tavares. Je hebt het eerste ‘ons’ liedje. Dat hoef je ook niet in een schriftje te boekstaven, liedjes komen altijd terug.
Het is mij tot op heden twee keer overkomen dat ik de soundtrack van een relatie door de ander samengesteld kreeg. Dat hakt erin, hoor. Ineens denk je: gut, was dit wat haar blij maakte? Wat was ze blij, toen. Of: jeetje, vond ze daar troost bij? Dat had ze me ook wel eens kunnen vertellen. Of je wordt om de oren geslagen met je eigen vondsten. Zo heb ik mezelf eens beschreven gehoord via een liedje van Boudewijn de Groot: ‘Achter iedere deur die je opendoet/ doe je een andere deur weer dicht.’ Nee, dat is fijn, dat dat is blijven hangen.
Zulke cd’s reik je uit als het over is. Het laatste lied is dus cruciaal. Ik heb er een, die eindigt met een nummer van Van Dik Hout. ‘Laat het los, laat het vallen, laat het gaan.’ Ja, je doet je best. Ik heb het tijdens een lange autorit wel 12 keer snoeihard gedraaid, maar het hielp niet. Ik zag alleen wat wij hadden steeds vallen. Dat woord hoorde daar niet. Iets wat mooi was valt niet. Het wordt ook niet begraven. Het zweeft op z’n best weg. Op de klanken van een toepasselijk liedje.